"/>

We zijn er voor u!

Als u vragen heeft, laat het ons weten!

Openingstijden telefonisch:
We zijn voor vragen en het maken van afspraken telefonisch te bereiken op werkdagen van 8:00 tot 12:00 uur en van 13:00 tot 15:30 uur en op zaterdag van 10:00 tot 13:00 uur.

Openingstijden (op afspraak):
maandag 07:30- 17:00
dinsdag 07.30- 20.30
woensdag 07:30- 17:00
donderdag 07:30- 17:00
vrijdag 07:30- 17:00
zaterdag 08:30- 15:00
zondag 08:30- 15:00

Maak nu een afspraak:
☎ +31 (0)71 58 12 300

Voor noodsituaties:
+31 (0) 6 25257420

✉ info[at]mckinderwens.nl

Vertellen over donorconceptie

22. januari 2019


Een belangrijke taak van het werk van de maatschappelijk werksters van Medisch Centrum Kinderwens is om ouder(s) te informeren waar ze tijdens een traject met vruchtbaarheidsbehandelingen mee te maken kunnen krijgen. Wanneer er bij een behandeling gebruik wordt gemaakt van een donor dan wordt er informatie gegeven over het wel of niet vertellen aan het kind en of de omgeving dat er gebruik is gemaakt van een donor.

Wie maken gebruik van donoren?

Van donorzaadcellen kan gebruik gemaakt worden door heterostellen van wie de man vruchtbaarheidsproblemen of een genetische afwijking heeft, lesbische stellen en alleenstaande vrouwen.

Van een donoreicellen kan gebruik gemaakt worden door vrouwen die vervroegd in de overgang zijn, een genetische afwijking hebben of een verminderde voorraad eicellen hebben waardoor andere vruchtbaarheidsbehandeling niet zinvol zijn.

Wet donorgegevens kunstmatige bevruchting

Na de invoering van de Wet donorgegevens kunstmatige bevruchting is anoniem donorschap in Nederland niet meer toegestaan. Voor 2004 weten we dat er naar schatting 40.000 donorkinderen zijn geboren. Twintig jaar geleden werd er niet gesproken over openheid over donorbehandelingen. Destijds was het advies om dit later niet aan het kind te vertellen omdat het vernederend zou zijn voor de ouders en het de band tussen het kind en de ouders zou beschadigen. Tegenwoordig weten we dat het niet vertellen schade zou kunnen opleveren aan de persoonsontwikkeling van het kind. De huidige norm is dat we vinden dat het kind recht heeft om te weten van wie hij of zij afstamt.

Met deze wet hebben kinderen de mogelijkheid om vanaf 12 jarige leeftijd sociale kenmerken van de donor op te vragen bij de stichting donorgegevens. Vanaf 16 jaar of ouder mogen ook persoon identificerende gegevens van de donor opgevraagd worden.

Openheid over afstamming

Openheid over afstamming is niet altijd eenvoudig. In bijna alle gesprekken die ik met mensen voer is dit het belangrijkste onderdeel van het gesprek. Uit onderzoek blijkt dat er diverse factoren een rol spelen in de beslissing om het kind wel of niet in te lichten over het gebruik van een donor; morele overtuigingen, persoonlijke ervaringen, geloof, de manier waarop men als koppel beslissingen neemt, bekende donor of onbekende donor, advies van de maatschappelijk werker enz.

Tevens komt uit onderzoek naar voren dat indien ouders hun kinderen inlichten over het gebruik van een donor, zij vinden dat het kind het recht heeft om dit te weten. Zij vinden eerlijkheid en openheid een essentieel onderdeel van de ouder-kind relatie en noodzakelijk voor de vertrouwensband. Tot slot ervaren ze geheimhouding als moeilijk, het kan leiden tot stress waarbij er een risico is op een onverwachte ontdekking door medische of technologische vooruitgang of door een derde persoon.

Wanneer ouders nog niet weten of ze open gaan zijn naar hun kind en/of omgeving,  dan benadrukken zij dit in het belang van het kind te willen doen. Zij willen het kind beschermen tegen negatieve uitingen van anderen of mogelijke (emotionele) problemen bij het kind zelf. Tevens vinden sommige wensouders dat het een privéaangelegenheid is en zien ze geen voordeel in het vertellen ten opzichte van geheimhouding. Indien een kind er later om gaat vragen of dat het medisch noodzakelijk wordt, kan dit maken dat ouders wel voor openheid kiezen.

Belangrijke overwegingen

Wat belangrijk kan zijn om van tevoren over na te denken is:

-        Wat betekent het vertellen voor jou? Speelt het gevoel over een bestaand vruchtbaarheidsprobleem en de beslissing voor behandelingen met een donor hierin een rol?

-        Vind je het belangrijk dat eerst het kind hoort van de donatie voordat je de omgeving op de hoogte brengt? Wie is die omgeving? Zijn dit familie, vrienden en op latere leeftijd school, sportclubs?

-        Verdiep je in de ontwikkeling van een kind zodat je een idee hebt wat je kind kan begrijpen en hoe hij/zij kan reageren

Wanneer vertellen?

De meest geschikte leeftijd om het te vertellen ligt vóór de leeftijd van 5 jaar. Soms vragen kinderen rond 2-3 jaar hoe baby’s worden geboren, dan kan het een handig moment zijn om hier iets over te vertellen. Vaak wordt er gebruik gemaakt van voorleesboekjes zoals het boekje ‘Een wereldwondertje’.

Kinderen zullen vooral jouw/jullie taal spreken, bedenk dus goed wat je vertelt. Een donor vader of moeder noemen kan voor kinderen verwarrend zijn. Het kan daardoor belangrijk zijn om aanvullend uit te leggen wat een vader of moeder is versus een lieve meneer of mevrouw die mij/ons iets moois heeft gegeven.

Kinderen van alleenstaande moeders of lesbische ouders zullen vanzelfsprekend op jonge leeftijd vragen waar of wie hun vader is. Het volstaat om hierbij uit te leggen dat er geen papa in het gezin is en je kan hierbij benoemen wie er naast de ouder(s) nog meer in het leven zijn, opa, oma, tante, oom enz. Op de leeftijd van 2-3 jaar is dit vaak voldoende maar naar mate kinderen ouder worden, komen er aanvullende vragen. Leg dan de rol van de donor uit bijvoorbeeld als een lieve meneer die mama of mama’s heeft geholpen maar dat hij niet bij jullie in het gezin woont. Pas je verhaal aan op de leeftijd van het kind, maak het zelf niet te groot maar indien een kind het groot wilt maken, ga erover in gesprek.

Ieder kind is anders

Bedenk goed dat alle kinderen zich anders ontwikkelen. Bij de één komen er op jonge leeftijd vragen bij de ander komt dit later. Bij de een helpt een boekje en bij de ander weer niet.

Tevens is het heel gewoon dat er bij ouder(s) gemengde gevoelens kunnen bestaan, het willen vertellen versus spanningen die hierbij gepaard gaan, dit hebben veel mensen.

Hulp nodig?

Bij Medisch Centrum Kinderwens werken 2 gespecialiseerde maatschappelijk werkers die veel over dit onderwerp weten. Zij bieden de mogelijkheid om in gesprek te gaan over het wel of niet vertellen van een kind over een donor. Zij kunnen tips geven over hoe je dit het beste kunt doen. Daarnaast kun je hen ook benaderen voor andere vragen rondom de kinderwens. 


Wij zijn er voor u!

Als u vragen heeft, laat het ons weten!

Openingstijden:
Ma - Vrij: 08:00 - 12:00 en
13:00 - 15:30
Zat: 10:00 - 13:00

Maak nu een afspraak:
☎ +31 (0)71 58 12 300

Voor noodsituaties:
+31 (0) 6 25257420

✉ info[at]mckinderwens.nl

Fax: (071) 581 23 09