Contact

We zijn er voor u!

Als u vragen heeft, laat het ons weten!

Openingstijden:
Ma - Vrij: 09:00 - 16:30
Zat: 10:00 - 13:00

Maak nu een afspraak:
☎ +31 (0) 71 58 12 300

Voor noodsituaties:
+31 (0) 6 25257420

✉ info[at]mckinderwens.nl

Donorzaad van de toekomst komt in beperkte oplage

07. november 2017


"Per zaaddonor mogen in Nederland 25 kinderen verwekt worden, maar is dit model nog wel van deze tijd? Gynaecoloog Arne van Heusden en embryoloog Wouter van Inzen van VivaNeo Medisch Centrum Kinderwens Leiderdorp vinden van niet. “Wij pleiten voor een exclusiever type donor met een beperkte oplage.”

Eerst wat achtergrondinformatie. Wat zijn redenen dat vrouwen of stellen een fertiliteitstraject ingaan?

Van Heusden: “Wanneer het op een natuurlijke manier niet lukt om zwanger te worden, kunnen vrouwen of stellen zich wenden tot een fertiliteitskliniek. Dit kan gaan om heterostellen waarbij na één jaar proberen nog geen zwangerschap is ontstaan, om lesbische stellen en om alleenstaande vrouwen die met behulp van een zaaddonor zwanger willen worden. De oorzaken, dat het heterostellen niet lukt binnen een jaar natuurlijk zwanger te worden, zijn grofweg in drieën te verdelen. In een derde van de gevallen heeft de man te weinig zaad of is de kwaliteit onvoldoende, bij een derde van de stellen is er wat mis met het aandeel van de vrouw en voor nog eens een derde van de stellen is er geen diagnose mogelijk.

Voor bevruchting zijn vijf pijlers noodzakelijk: de man moet goed zaad hebben en de vrouw moet goede eileiders, een ‘gastvrije’ baarmoeder en een eisprong hebben. Daarnaast ‘moet’ op het juiste moment seks plaatsvinden. Dat is de basis. Wanneer een van deze aspecten ontbreekt of er is iets mis mee, verkleint dat de kans op zwangerschap al aanzienlijk.”

Wat houdt het behandeltraject in?

Van Inzen: “Het traject bij een fertiliteitsbehandeling begint altijd met een zorgvuldige intake en een medisch onderzoek. Bij heterostellen vormt een semenanalyse van de man onderdeel van het onderzoek. Wanneer hieruit blijkt dat er geen, bijna geen of geen goede zaadcellen aanwezig zijn, wordt de spermabank aangewend. Dit is ook het geval bij alleenstaande vrouwen en lesbische stellen. In alle gevallen is er de mogelijkheid om zelf een keuze te maken uit de donorbank. Er wordt gekeken naar de uiterlijke, erfelijke kenmerken van  de vrouw of het stel, zoals lengte, oog-  en  haarkleur en lichaamsbouw. Daarnaast worden eventuele aanvullende wensen genoteerd. Vervolgens wordt een voorstel gedaan dat al dan niet geaccepteerd kan worden. Als er een ‘match’ is wordt  overgegaan  tot  de bevruchtingsprocedure.

Afhankelijk van een aantal factoren bij de vrouw die tijdens de medische intake zijn vastgesteld, kan het donorsperma worden aangewend voor een drietal behandelmethodes. Ten eerste is er kunstmatige inseminatie, waarbij (donor)spermacellen rechtstreeks in de baarmoeder worden ingebracht met behulp van een spuitje. Ten tweede kan worden overgegaan tot In-vitrofertilisatie (ivf). Bij deze behandeling worden eicellen uit de eierstokken gehaald. De eicellen worden in  een  schaaltje gelegd en  in  het laboratorium wordt vervolgens elke verkregen      eicel      samengebracht    met100.000 beweeglijke spermacellen. In geval van bevruchting wordt het ontstane embryo in de baarmoeder geplaatst.  Ten derde is er nog de optie tot Intra Cytoplasmatische Sperma Injectie (ICSI). Deze methode wordt vooral toegepast  als de man sterk verminderd vruchtbaar is en gaat nog een stap verder: de zaadcel wordt met een micromanipulator rechts-treeks in de eicel geprikt. Ook hier wordt het embryo na bevruchting in de baarmoeder geplaatst.”

Welke opties zijn er wat betreft donoren?

Van Inzen: “Naast de spermadonoren kan ook gebruik worden gemaakt van eiceldonoren en gedoneerde embryo’s. In sommige gevallen maken cliënten gebruik van een bekende donor zoals een vriend, vriendin, broer of ander familielid. Daarnaast kan er gebruik gemaakt worden van een onbekende zaad- of eiceldonor (donoren verbonden aan de kliniek) en in sommige gevallen zelfs van gedoneerde embryo’s. In Nederland kampen we   helaas   met  een hevig tekort aan (mannelijke) kliniekdonoren, dus krijgen klinieken regelmatig spermacellen toegestuurd vanuit het buitenland die besteld zijn door de toekomstig gebruikster. Met name in landen als het Verenigd Koninkrijk en Denemarken zijn buitengewoon veel mannen bereid hun zaad te doneren. In ons land zijn de wachttijden vanwege de grote schaarste minstens een jaar.”

Hoe zit dat in Nederland met de rechten en plichten van zaaddonoren en uit hun zaad verkregen kinderen?

Heusden: “Op dit gebied hebben sinds de jaren ’70 flinke veranderingen plaatsgevonden. Aanvankelijk waren  alle donoren anoniem, pas in de jaren 90 veranderde  dat  langzaam  naar  bekend donorschap onder invloed van een maatschappelijke discussie. Sinds 2004 is die keuzemogelijkheid er niet meer en hebben alle kinderen die met donorzaad zijn verwekt vanaf hun zestiende levensjaar het recht contact te zoeken met hun biologische verwekker. Dat heeft een verschuiving teweeggebracht in het type donor. Daar waar het vroeger veel laagdrempeliger was om je zaad af te staan, staat nu bijna alleen nog maar de altruïstische donor overeind. Deze donor heeft soms zelf ervaring met ongewenste kinderloosheid in de omgeving en heeft vanuit de goedheid van zijn hart besloten daarom zaaddonor te worden. In Nederland ligt de richtlijn voor het maximumaantal kinderen per zaaddonor op 25, maar het is lastig gebleken om dit getal ook daadwerkelijk te handhaven op landelijk niveau. Zo is gebleken dat mannen zich bij verschillende klinieken hebben kunnen aanmelden en op deze manier meer dan honderd kinderen hebben kunnen verwekken.

Het getal 25 stamt uit 1992, het jaar waarin we in Nederland 15 miljoen inwoners hadden. Dit getal is vastgesteld om niet  boven het destijds berekende incestrisico uit te komen en zo de kans dat halfbroers- en zussen een relatie met elkaar beginnen tot een minimum te beperken. Een evaluatie van het aantal van 25, door de Gezondheidsraad in 2013, gaf aan dat dit getal nu niet bepaald op solide gronden is gebouwd, maar dat wetenschappelijke informatieomeenandergetaltekiezenook ontbreekt. De wetswijziging van 2004 zou als eerste donorkinderen de mogelijkheid geven om elkaar in een groepsverband te ontmoeten. Inmiddels hebben de combinatie van DNA-technieken en social media dit eerder dan verwacht mogelijk gemaakt. Nu kunnen donorkinderen zelf, of onderzoek onder donorkinderen, nieuw licht schijnen op dit aantal.”

En wat vinden de donoren en moeders zelf?

Van Heusden: “Donoren van vóór 2004 zijn niet altijd blij. Zij hebben zich destijds bewust anoniem opgesteld, dus een ‘klasje vol’ kinderen dat ineens contact zoekt is nooit een mogelijkheid of zelfs de bedoeling geweest. Dat idee is voor hen toch vaak beangstigend. Ten tweede zijn er de moeders die - al dan niet bewust - gebruik hebben gemaakt van een anonieme donor. Nu worden zij soms met boze kinderen geconfronteerd die willen weten wie hun verwekker is en vinden dat ze het recht hebben te weten waar ‘hun’ donorzaad vandaan kwam. Het huidige model ligt dus enorm onder vuur en op dit moment ontbreekt bovendien nog een landelijke registratie van donoren. Medisch Centrum Kinderwens heeft recent een voorstel voor een dergelijke landelijke registratie aangeboden.”

En daarom introduceren jullie nu ook een nieuwe mogelijkheid in jullie kliniek?

Van Heusden: “Ja, vanaf nu  bieden  wij de optie ‘donor 2.0’. Het is namelijk niet voor niets dat het aantal donoren hier zoveel lager ligt dan in een land zoals Denemarken. Misschien is ons huidige model wel zo bedreigend dat we het drastisch moeten omgooien. Wij kiezen daarom vanaf nu voor een ander model en bieden donoren de mogelijkheid om het aantal kinderen dat met hun zaad verwekt wordt te beperken tot maximaal 3, 4 of 5 gezinnen. Wij hebben dit in onze kliniek gewoon eens aan de betrokkenen gevraagd: het blijkt dat een beperkter aantal nakomelingen voor de donor, de vrouw die donorzaad wenst te gebruiken en de donorkinderen een prettiger idee kan zijn.

Het donorkind 2.0 heeft geen grote groep halfbroertjes en -zusjes verspreid over het hele land; het zaad dat werd gebruikt was immers slechts in ‘beperkte oplage’ beschikbaar. We noemen deze mogelijkheid daarom ook wel de ‘premium donor’. Voor zowel donor als vrouwen en stellen behouden we nog wel de originele modelkeuze naast de nieuwe. Vanaf heden zullen bij ons dus twee typen donoren beschikbaar zijn. De toekomst zal moeten uitwijzen of de ‘premium donor’ een succes wordt. Wanneer deze stap namelijk niet leidt tot meer donoren, moeten we concluderen dat het nog anders moet. Wij hebben echter het volste vertrouwen dat dit een voorsortering zal zijn op de toekomst en bovendien het antwoord op de huidige problemen met het gebruik van donorzaad in de maatschappij.”

Wij zijn er voor u!

Als u vragen heeft, laat het ons weten!

Openingstijden:
Ma - Vrij: 09:00 - 16:30
Zat: 10:00 - 13:00

Maak nu een afspraak:
☎ +31 (0) 71 58 12 300

Voor noodsituaties:
+31 (0) 6 25257420

✉ info[at]mckinderwens.nl

Fax: (071) 581 23 09