+49 (0)211 90 19 718

We zijn voor u daar!

Telefoontijden:
Ma-Vr: 07:00 - 20:00

Maak nu een afspraak:

☎ +49 (0)211 90 19 718

info.nl@vivaneo-duesseldorf.de

Wij kijken er naar uit om van u te horen!

Noodgevallen (buiten kantooruren):
☎ +49 (0)172 56 97 891

Inseminatie

Lukt het niet om op de traditionele manier zwanger te worden, dan kan de arts een zogenoemde inseminatie (het inbrengen van sperma) uitvoeren. Daarbij brengt hij door middel van een eenvoudige medische behandeling zaadcellen in de baarmoeder in. De zaadcellen krijgen daardoor een gemakkelijkere en kortere route van de vagina via de baarmoedermond naar boven.

Homologe en heterologe inseminatie

We onderscheiden homologe en heterologe of donor-inseminatie. Bij homologe inseminatie zijn de zaadcellen afkomstig van de partner. Bij heterologe inseminatie wordt gebruikgemaakt van donorzaad van een anonieme spermabank.

    Wanneer is inseminatie zinvol?

    Homologe inseminatie kan worden toegepast als

    • de spermakwaliteit wat minder is, bijvoorbeeld als het ejaculaat te weinig zaadcellen of te weinig beweeglijke zaadcellen bevat,
    • het stel geen geslachtsgemeenschap kan hebben,
    • er bij de vrouw sprake is van fysieke oorzaken zoals een vernauwde baarmoederhals.

    Daarentegen kan er bijvoorbeeld voor heterologe inseminatie worden gekozen als

    • de eigen partner onvruchtbaar is omdat hij geen zaadcellen heeft of
    • er bij hem sprake is van een ernstige ziekte.

    Hoe verloopt een inseminatie?

    1.Het juiste tijdstip bepalen

    Het is belangrijk dat de ingreep kort voor de eisprong of op de dag van de eisprong plaatsvindt. De arts kan door middel van echo's en hormoonanalyses het moment van de eisprong exact bepalen.

    2.Sperma prepareren

    Is de dag aangebroken, dan is er vers of ingevroren ("diepgevroren") sperma nodig. Bij gebruik van vers sperma moet, bij homologe inseminatie, de partner op deze dag een spermamonster afgeven. Zijn sperma gaat dan naar het laboratorium en wordt daar opgewerkt. . Daarbij worden er zo veel mogelijk zaadcellen met voorwaartse beweeglijkheid uitgefilterd.

    3. Sperma inbrengen

    De arts brengt het opgewerkte sperma dan via een zachte katheter rechtstreeks in de baarmoederholte in. In dit geval is er sprake van een intra-uteriene inseminatie (IUI). De behandeling duurt slechts een paar minuten.

    Hormonale stimulatie

    De inseminatie kan worden uitgevoerd in de zogenoemde spontane cyclus van de vrouw, dus in haar natuurlijke cyclus. Maar de kansen op succes zijn wat groter als de rijping van de eicellen door een lage dosis hormoonpreparaten wordt ondersteund en de eisprong doelgericht wordt opgewekt.

    Wat zijn de kansen op succes?

    Bij een inseminatie zijn de kansen op succes afhankelijk van meerdere factoren: de leeftijd van de vrouw, haar lichamelijke conditie, de spermakwaliteit van de partner en de een gelijktijdige hormoonbehandeling.
    Slechts enkele vrouwen worden al bij de eerste behandeling zwanger. De kans dat het lukt, ligt bijvoorbeeld bij een homologe inseminatie tussen de vijf en twaalf procent. Daarom zijn er meestal meerdere pogingen nodig. 

    Zijn er risico's en bijwerkingen?

    Bij een kunstmatige inseminatie zonder hormonale stimulatie zijn de risico's zeer klein. Door het gebruik van ultrazachte en zeer flexibele katheters kan een beschadiging van de baarmoeder door de inseminatie vrijwel altijd worden voorkomen.
    Als aan de ingreep een hormoonbehandeling voorafgaat, kan dat een meerlingzwangerschap veroorzaken. Dankzij de vóór de inseminatie uitgevoerde echoscopie kan het aantal en de grootte van de eiblaasjes goed worden bepaald en daardoor kan het meerlingrisico met redelijke zekerheid worden ingeschat. SZijn er meerdere grote follikels aanwezig, dan wordt de patiënte daarover geïnformeerd en wordt de cyclus eventueel afgebroken om een hoog meerlingrisico te vermijden.
    Bovendien kunnen de hormoonpreparaten belastend zijn voor het lichaam. Zeer zelden veroorzaakt dit het zogenoemde overstimulatiesyndroom. Daarbij treden bijvoorbeeld misselijkheid, hevige buikpijn, ademnood of vochtophopingen in de buik op. Deze complicaties zijn zeldzaam. Tijdens uw gesprek voor de behandeling geeft uw arts u persoonlijk uitleg over zowel de behandeling als de mogelijke risico's en bijwerkingen.

    Verdere onderwerpen waarin u geïnteresseerd zou kunnen zijn

    hPopulaire onderwerpen

    Spermadonatie

    Cyclusmonitoring

    bVivaNeo Woordenlijst

    FSH hormoon

    Wij zijn voor u daar!

    Neem gerust contact met ons op!

    Onze Telefoontijden:
    Ma-Vr: 07:00 - 20:00

    Maak een afspraak:

    ☎ +49 (0)211 90 19 718

    info.nl[at]vivaneo-duesseldorf.de

    Wij kijken er naar uit om van u te horen!

    Noodgevallen (buiten kantooruren):
    ☎ +49 (0)172 56 97 891